Aanvaardingen FCP 2012

Afgelopen maanden zijn er weer enkele wedstrijden geweest bij onze Franstalige collega’s en ben weer tussen de prijzen gevallen. Het is altijd fijn om dit te vernemen en te kunnen vaststellen dat uw werken ook door andere fotografen gewaardeerd wordt.
Hieronder de aanvaarde werken:

Krijger 2

Canon Eos 400D – lens: Canon EF70-200mm f/2.8L IS USM
Opnamegegevens: f/2.8 – 1/500 – iso 200

Melissa 4

Canon Eos 400D – lens: Canon EF17-85mm f/4-5.6 IS USM
Studio opname
f/5.6 – 1/125 – 85mm – iso 100

Melissa 6

Canon Eos 400D – lens: Canon EF17-85mm f/4-5.6 IS USM
Studio opname
f/5.6 – 1/125 – 85mm – iso 100

Altijd commentaar en suggesties welkom.
Tot de volgende

Aanvaardingen Epliphota 2012

Aanvaardingen Ephiphota

Nog enkele aanvaardingen die ik in de loop van de laatste 2 maanden heb binnengehaald. Was echter een beetje verrast door de resultaten, omdaat het niveau van deze wedstrijden toch redelijk  hoog ligt. Het was ook een zoeken naar de gepaste opnamen om mee te geven aan de wedstrijden.

Digitale beelden:

Kirsten 1
Canon Eos 400D – lens: EF70-200mm f/2.8L IS USM
Studio opname
f/3.5 – 1/200 – 80mm – iso 200
Melissa 4
Canon Eos 400D – lens: EF17-85mm f/4-5.6 IS USM
Studio opname
f/5.6 – 1/125 – 85mm – iso 100
Melissa 5
Canon Eos 400D – lens: EF17-85mm f/4-5.6 IS USM
Studio opname
f/5.6 – 1/125 – 85mm – iso 100
Foto’s kleur:
Sophie 3
Canon Eos 400D – lens: EF70-200mm f/2.8L IS USM
Studio opname
f/4.5 – 1/200 – 70mm – iso 100
Marieke 4
Canon Eos 400D – lens: EF70-200mm f/2.8L IS USM
Studio opname
f/4.5 – 1/200 – 70mm – iso 100
Graag enig commentaar of suggesties, altijd welkom.
Tot de volgende

Aanvaardingen VLF 2012

Aanvaarde werken voor het VLF

Afgelopen maand zijn de werken voor het VLF gejureerd geweest en heb toch weer enkele werken die een aanvaarding hebben gekregen.
Hieronder de aanvaarde werken, graag enige commentaar of suggesties hierop.

DIGITAAL

 1. Golden Girl  24/30
2. Kirsten  23/30
3. Duo 5 – 2  22/30
FOTO KLEUR
4. Christine 1  21/30
5. Tessa  20/30
FOTO ZWART/WIT
6. Naakt  24/30
7. Black lingery  21/30
Graag opmerkingen en suggesties.
Tot de volgende,

Gelegenheidsmodellen fotograferen

Misschien had ik het portretfotografie moeten noemen maar dat dekt niet helemaal de lading. Onder gelegenheidsmodellen versta ik mensen die je bij gelegenheid kunt portretteren. Dat kan op straat zijn, op je werk, op vakantie, op reis, bedenk het maar. Vrouwen poseren wat makkelijker dan mannen heb ik het gevoel maar corrigeer me als die stelling niet opgaat. Ik heb een flinke database met portretfoto’s maar voor deze gelegenheid heb ik voor vrouwelijk schoon gekozen.

Voor een gelegenheidsportretfoto krijg je doorgaans niet veel tijd. Als de stemming erin zit en de persoon in kwestie wil wel ‘even op de foto’ dan moet je ervoor zorgen dat je camera ‘ready to shoot’ is. Wanneer je nog moet klungelen met settings of van lens verwisselen is je model al verveelt en de spanning weg. En daar gaat het nou juist om: Dat korte moment van spontaniteit, levendigheid en interactie tussen jou en je model. Vanzelfsprekend hoort daar ook een beetje regie bij

Alle maten en soorten
Portretfoto’s komen in alle maten en soorten voor; als head of full body shot of in een bepaalde omgeving. Het moet vooral iets vertellen over de persoon in kwestie. Dat kan erg divers zijn: Je kunt denken aan een serie over verschillende beroepen, mensen in hun interieurs of juist een volkomen neutrale achtergond. Met deze foto’s heb ik getracht om het gelegenheidsmodel zo karakteristiek mogelijk weer te geven en iets te vertellen over haar persoonlijkheid.

Michelle Lang

Juiste camera settings
Even in het kort iets over de portretten. In de eerste plaats was niets gepland. Ik heb in alle gevallen mijn camera ter hand genomen en in luttelijke seconden een serie shots gemaakt. Ik was enigzins voorbereid en mijn camera settings waren gereed met de juiste lens erop. De foto’s zijn gemaakt met de Canon EF 135mm f/2.0 L en Canon EF 200mm f/2.8 L. Bij voorkeur gebruik ik een groot diafragma om het bokeh te laten spreken waardoor er een prettige achtergronddistractie ontstaat.

Ook activeer ik het centrale autofocus punt om de scherpte daar te leggen waar ik het wil. Via de camerainstellingen kun je de joystick zodanig activeren dat je met een duimdruk dit autofocus punt kiest. De ISO instellingen hangen natuurlijk helemaal af van de lichtomstandigheden. Gezien de vernoemde lenzen geen stabilisatie (IS) hebben moet ik rekening houden met redelijk snelle sluitertijden. Als vuistregel het equivalent van de brandpuntaftstand, dus boven 1/150 seconde.

Sonia

Even iets over mijn (gelegenheids)modellen
De eerste foto is Michelle Lang, een Amerikaanse actrice die in China was voor opnames van de TV serie The Legend of Bruce Lee. Tijdens de shootings in Shunde (zuid China) vond ik haar bereid om tijdens een break even te poseren. Michelle is een levendige, spontane persoonlijkheid met erg sprekende ogen. De achtergond is het gebouw waar werd gefilmd en de late middagzon zorgde voor een mooie warme belichting. Dit is het beste shot een serie van vier RAW’s.

De tweede foto is mijn vrouw Sonia, gefotografeerd tijdens onze vakantie in Amsterdam. Doorgaans vind ze poseren maar niks maar tijdens een grachtenwandeling heb ik deze foto van haar gemaakt. Sonia is een amabile persoonlijkheid die zichzelf niet fotogeniek vindt. Het hoedje had ze speciaal voor de vakantie gekocht als bescherming tegen de zon. In tegenstelling tot Westerse vrouwen willen Chinese graag een blanke huid behouden want teveel zon is schadelijk.

Foto drie is de Russische Ana Vuaina die in Xi’an studeert. Tijdens de shooting van een promotiefilm voor de provincie Shanxi waar ze een bescheiden rol in had heb ik haar in de riskja gefotografeert. Ana is een enigzins verlegen, introvert meisje. Om de foto zo ongedwongen mogelijk te houden heb ik haar met de EF 200mm f/2.8L gefotografeerd. De entourage met de riskja op de stadsmuur van Xi’an was een perfect setting. Haar traditionele kleding maakt het plaatje compleet.

Ana Vuaina

De laatste foto is mijn dochter Cloe. Ze vindt het maar niks om gekiekt te worden en doet dat meestal af met ‘Uhhh we gaan nou niet fotograferen he‘. Maar tijdens een mooie zomermiddag bij mijn moeder in de tuin heb ik even snel een paar foto’s genomen. Ook hier luttele seconden. Cloe is een beetje introvert maar heeft een geweldig gevoel voor humor. Ze heeft zo haar nukken maar het is een schat van een meid. Net als Michelle Lang (foto 1) heeft ze ook van die sprekende ogen.

Modellen te kust en te keur
Naast personen die ik van nabij ken ben ik gewend overal waar ik kom mensen te fotograferen. In China is dat gelukkig nog wat makkelijker dan in Nederland. Vaak vinden ze het zelfs leuk om gekiekt te worden. Je vindt er vooral op het platteland nog veel authentieke, fotogenieke mensen. Doorgaans maak ik even een praatje en daarna een paar shots die ik ze meteen laat zien. Ze zijn dan aangenaam verrast en het ijs is gebroken zodat je ‘echte’ foto’s kunt maken.

dochter Cloe

Model release
Let wel, de foto’s behoren louter tot mijn prive archief en worden nimmer voor enig commercieel doel gebruikt. Zou je dat willen dan is een model release vereist en dient het model in kwestie ook een billijke vergoeding te ontvangen. Maar ja, ik zie me al in de zuidelijke Chinese Provincie Yunnan minoriteiten fotograferen met model release formulieren in mijn fototas. Die mensen krijgen letterlijk de schrik van hun leven. Dat heb ik dus maar wijselijk achterwege gelaten.

De kneep
Waar zit hem nou de keep van goede portretfotografie? Wel, in de eerste plaats moet je niet bang zijn om mensen te benaderen of te fotograferen. Het werkt als een spiegel: Ben jij enthousiast en goed gemutst dan werkt dat aanstekelijk en zijn zij het ook. Een beetje regie is belangrijk en daarnaast moet je snel kunnen improviseren. Zoek een goed achtergrondje en kijk waar het licht vandaan komt. En verder natuurlijk een geschikte lens en de juiste camera settings.

Maar even goed kun je in de studio het licht perfect uitbalanceren en heb je alle tijd om een serie te maken. Ondanks dat dit vaak prachtige portretten oplevert missen ze de spontaniteit van een paar rake gelegenheidshots. Ik zou zeggen, ga met deze stof lekker aan de slag en ik zie graag wat eruit komt rollen. Ennuuhhhh, mooie meisjes genoeg in Nederland..

Ton Vingerhoets Over de auteur; Ton Vingerhoets

7 tips voor de mooiste portretfoto’s

Mensen zijn elke dag anders. Met portretfotografie raak je dus nooit uitgeschoten, je ‘landschap’ verandert dagelijks. Ook als je dezelfde personen fotografeert. Reden genoeg om regelmatige leuke portretfoto’s te nemen van familie, vrienden en zelfs onbekenden. In dit artikel 7 tips om de mooiste portretfoto’s te maken.

1. Verberg het gezicht

Door een deel van het onderwerp te verbergen kun je de foto vaak interessanter maken. Het beeld wordt er spannender door. Je kunt iemands gezicht op vele verschillende manieren verbergen. Bijvoorbeeld door het te bedekken met haren, handen of kleding. Ook kun je de handen van je model gebruiken, of bijvoorbeeld een hoed..

Mika op Kos
1/800 sec – f/5.6 – ISO 100 @ 35mm

2. Vermijdt oogcontact

Portretfoto’s gaan vaak om de ogen. Een model dat recht in de camera kijkt kan ontzettend aansprekende foto’s opleveren. Het is echter ook leuk om foto’s te maken waarbij je het oogcontact vermijd. Bijvoorbeeld doordat je onderwerp naar iemand anders kijkt of maar iets buiten beeld.

Wanneer je onderwerp niet in de camera kijkt is het goed om wat ‘kijkruimte vrij te houden in de richting waar je model kijkt. Bij voorkeur heeft de kijkrichting de meeste ruimte tot de rand van de foto ten opzicht van de andere kant.

Imke overloon
1/250 sec – f/3.5 – ISO 800 @ 200mm

3. Draai je camera

Fotografeer jij portretten steevast in de zogenaamde ‘portretstand’ oriëntatie (de hoogte is langer dan de breedte) van je camera? Wissel het dan ook een keertje af. Een portret doet het namelijk uitstekend in de ‘landschapstand’, waarbij de foto in de breedte langer is dan in de hoogte. Sterker nog, ik fotografeer bijna al mijn portretten in de landschapstand. In zo’n geval moet je juist eens afwijken en de camera in de portretstand gebruiken.

Niek
1/40 sec – f/2.8 – ISO 400 @ 24mm
Natuurlijk kun je ook vaak achteraf de uitsnede van je foto veranderen zodat de oriëntatie uiteindelijk afwijkt van je originele foto. Probeer in dit verband ook eens een foto met een vierkante uitsnede. Ook dit kan een krachtig beeld opleveren. Grappig detail; regeltjes zoals de regel-van–derden werken ook gewoon op het vierkante beeldformaat.

Een alternatief is overigens ook het draaien van de camera zonder dat je specifiek in de portret- of landschapmodus schiet; gewoon ergens willekeurig er tussen in. Wie zegt dat een foto altijd netjes recht moet staan?

4. Kies een afwijkend standpunt

De meeste portretfoto’s worden genomen op ooghoogte. Dat geeft namelijk een prettig beeld en is in de meeste gevallen een prima keuze. Probeer echter ook eens zo nu een dan een afwijkend standpunt. Je kunt bijvoorbeeld een laag of juist een erg hoog standpunt kiezen. Zo kun je een verrassend portret fotograferen die er echt uit springt.

Robin en cadeau's
1/30 sec – f/1.4 – ISO 1250 @ 50mm

5. Gebruik een teleobjectief

Mijn 35mm f/1.4 is één van mijn favoriete objectieven wanneer ik portretfoto’s maak, je kunt er namelijk ook mooi een stuk van de omgeving mee vast leggen. Wil je het jezelf echter makkelijker maken pak dan je teleobjectief uit je fototas.

Met een teleobjectief kun je vanaf een wat grotere afstand toch je model van dichtbij op de foto zetten. Het grote voordeel hierbij is dat je achtergrond door het objectief snel onscherp wordt. Hierdoor krijg je een mooie zachte onopvallende achtergrond, zelfs als er geen rustige achtergrond op de locatie is.

Jens
1/160 sec – f/2.8 – ISO 800 @ 130mm
Wanneer ik mijn 70-200mm f/2.8 objectief op mijn camera zet is het bijna onmogelijk om geen mooie portretfoto’s te maken. Met een afstandje van twee tot drie meter tot je onderwerp en een redelijk groot diafragma (laag getal) heb je eigenlijk altijd een mooie waas achter je onderwerp.

6. Gebruik de voorgrond

Als je dan toch je teleobjectief op je camera hebt zitten, maak dan ook eens een foto waarbij je op de voorgrond -vlak bij je camera- nog iets voor het beeld laat staan. Door de kleine scherptediepte wordt ook de voorgrond onscherp en zo kun je bijvoorbeeld een bloem als een mooie kleurrijke waas in de voorgrond mee laten spelen.

Het effect werkt vooral goed wanneer je tussen planten of bloemen door fotografeert. Zorg ervoor dat het zicht van je model niet bedekt wordt door je voorgrond. Onthoudt dat bij een goede portretfoto’s eigenlijk altijd de ogen scherp in beeld moeten zijn.

Nick judith huwelijk
1/200 sec – f/5.0 – ISO 100 @ 165mm

7. Dure apparatuur niet nodig

Hierboven noem ik een aantal prijzige objectieven voor het maken van portretfoto’s. Gelukkig heb je deze zeker niet nodig om mooie foto’s te maken! Ook met de goedkoopste spiegelreflex (of compactcamera) en een 50mm f/1.8 objectief van amper 100 euro kun je al prachtige portretfoto’s maken.

Gebruik vooral de camera die je bij je hebt. Tegenwoordig is dat vaak je mobiele telefoon. Ook daarmee kun je al erg leuke portretfoto’s maken! Uiteindelijk gaat het bij portretfotografie over de mensen.

Janneke
1/60 sec – f/3.5 – ISO 100 @ 50mm

Elja Trum De auteur; Elja Trum
Elja Trum

Urban fotografie: Aan de slag…

Aan de slag met Urban Fotografie

Urban Exploring is een onderwerp dat binnen de fotografie steeds populairder aan het worden is. Bij Urban Exploring (ook wel Urbex of Urban genoemd) gaan fotografen op zoek naar bijzonder, vaak bouwvallige, locaties die je kunt vinden in en om steden.

Urban exploring begon aanvankelijk als tijdverdrijf zonder camera. Voor de kick zwierven mensen door verlaten en vaak bouwvallige panden. Met de opkomst van de digitale fotografie begonnen de explorers steeds vaker hun camera mee te nemen om de bijzondere plekken en vondsten vast te leggen. Dergelijke locaties lenen zich uitstekend voor prachtige foto’s, maar het gaat de meeste Urban Explorers vooral om de spanning en de kick.

20080901-_MG_0580
Foto door Cris Hake

Urbex motto

Een belangrijk motto bij urbex fotografie is ‘Leave nothing but footprints, take nothing but pictures‘. Een mooie manier om te zeggen dat je niks kapot moet maken of mee moet nemen, behalve natuurlijk de mooie foto’s die je op een locatie maakt.

Veelal zijn de bezochte locaties afgesloten voor het publiek en overtreed je de wet wanneer je dergelijke locaties bezoekt. Er is dus altijd de kans aanwezig dat je gearresteerd wordt of een boete krijgt. Daarnaast is het bezoeken van oude vervallen gebouwen ook niet zonder gevaar. De vloer waarop je loopt kan zomaar inzakken of een muur kan plots omvallen. Ook als het gebouw stevig is houd je natuurlijk het gevaar dat je ergens vanaf valt of bijvoorbeeld in een roestige spijker trapt.

Naast vervallen gebouwen lenen ook tunnels, zoals mijnen en riolen, spoorlijnen, zwembaden, verlaten pretparken en bijvoorbeeld hijskranen, bruggen of zendmasten zich voor urban exploration. Het is verstandig om met zijn tweeën op pad te gaan. Ga je met meer, dan val je teveel op. Ga je alleen dan is er niemand in de buurt als er wat mis gaat.

Wanneer je toch alleen op pad gaat, laat dan in elk geval iemand weten waar je heen gaat en spreek af om hem of haar op een bepaald tijdstip te bellen. Mocht je dan nog niet gebeld hebben en kan die persoon jou ook niet bereiken dan kan hij in elk geval actie ondernemen.

Ook met twee personen moet je natuurlijk nog goed oppassen. Wellicht kan een oude vloer of trap één persoon wel dragen, maar zorgt het gewicht van de tweede persoon voor problemen. Ga wanneer je twijfelt dus niet gelijktijdig op een wankel gedeelte staan, of mijdt die plek helemaal.

Wet, door Marc Duiker
Wet door Marc Duiker

Voorbereiding

Voordat je op pad gaat is het verstandig je goed voor te bereiden. Draag geen opvallende kleding. Een felrode of gele trui of jas valt natuurlijk erg op in een verlaten gebouw. Door donkere kleding aan te trekken zul je minder snel gezien worden. Elke voorbijganger zou in principe de politie kunnen bellen wanneer hij het niet vertrouwt.

Kleed je op het terrein en het weer. Een lange spijkerbroek en een shirt met lange mouwen is altijd aan te raden, ook al is het warm buiten. De kleding beschermt je bij een val en voorkomt door struiken bekraste armen en benen. Als het koud is moet je jezelf natuurlijk goed warm kleden. Vergeet ook niet om je mobiele telefoon op de trilstand te zetten. Het zou vervelend zijn als die net op het verkeerde moment af ging.

Zoek op voorhand het nodige op over de locatie die je gaat bezoeken. Dat kan je wijzen op interessante onderwerpen voor je foto’s en geeft je ook meer inzicht in wat een vervallen ruimte ooit tot doel heeft gediend. Gebruik ook Google Earth om de locaties alvast vanuit de lucht te bekijken. Zo zie je wellicht al een mooie manier om er binnen te komen en een handige plek om je auto te parkeren. Parkeer niet vlak voor het pand, maar altijd op een beetje afstand. Een auto voor een verlaten pand kan, afhankelijk van de locatie, ook al de nodige aandacht trekken.

Basisuitrusting

– Camera
– Objectieven
– Statief
– Stevige fototas
– Draagriem
– Draadontspanner
– Mobiele telefoon (volle accu)
– Zaklamp
– Eten en drinken
– Donkere, warme kleding
– Stevige schoenen
– Sleutelset
– EHBO setje

Locaties

In Nederland is het vinden van geschikte Urban Exploring locaties geen gemakkelijke opgave. Oude en leegstaande panden worden vaak al snel gesloopt of hermetisch afgesloten. Veel fotografen wijken daarom uit naar België en Duitsland. Daar zijn veel meer vervallen panden te vinden en die zijn vaak ook eenvoudig te bereiken.

Gaat het je niet zo om de spanning, maar meer om de foto’s dan kun je ook op zoek naar locaties die gewoon voor het publiek beschikbaar zijn. Ook kun je gewoon toestemming vragen aan de eigenaar van een pand. Het kan helpen jezelf daarbij kunstenaar te noemen in plaats van fotograaf. In sommige gevallen opent dat -letterlijk- extra deuren.

Openbare Urbex locaties

Landschaft Park Duisburg-Nord (Duitsland)
Zollverein (Duitsland)
Zeche Zollern (Dortmund, Duitsland)
– Doel (België)

Verlaten huis in Doel
Verlaten huis in Doel

Urbex locaties uitwisselen

Locaties die geschikt zijn voor Urban fotografie worden door de meeste Urban fotografen niet zomaar met iedereen gedeeld. Helaas zijn urban locaties ook gevoelig voor vandalisme en geliefd bij koperdieven. Vandaar dat er vaak wat geheimzinnig wordt gedaan over de locaties. Je zult dus eerst vrienden moeten maken.

Een van de grootste verzamelplaatsen van Urban fotografen is Urbexforum.com. Op dit (Engelstalige forum) zijn ook de nodige Nederlanders actief. Daarnaast is er ook een Nederlandstalig forum onder de naam Urbex Nederland.

Wanneer je op pad gaat om te fotograferen op een Urbex locatie moet je rekening houden met het nodige klimwerk. Een rugtas waarin je alles kunt vervoeren is dus wel zo prettig. Je kunt dan je handen vrij houden tijdens het betreden van de locatie. Pas wanneer je binnen bent op de locatie haal je de camera uit je tas.

Gebruik een draagriem om te voorkomen dat je de camera laat vallen als je jezelf onverwachts vast moet grijpen. Een prettige draagriem is de Rapidstrap van Blackrapid, deze riem draag je om je schouder in plaats van om je nek en je hebt de camera met één vloeiende handbeweging beschikbaar om foto’s te schieten. Omdat de camera bij deze riem naast je hangt in plaats van voor je heb je er ook minder last van wanneer je bijvoorbeeld bukt om ergens onderdoor te kruipen.

Compositie

De locatie alleen maakt geen goede foto. Een overzichtsfoto van alleen de buitenkant van de locatie die je bezoekt zal meestal weinig interessant zijn. Er is meer nodig dan een interessant onderwerp voor een goede foto. Blijf dus goed op de gebruikte compositie letten. Je kunt hierbij spelen met lijnen en vormen die je op de locatie vind.

Grote ruimten lenen zich vaak goed voor foto’s met interessante lijnen en dit soort foto’s hebben vaak baat bij een gecentreerde compositie waarbij alles mooi symmetrisch op de foto staat. Bij het vastleggen van details, zoals een achtergelaten oude handschoen op een verweerd bureau, kun je heel goed de regel van derden toepassen.

Tunnel van godarville
Tunnel van Godarville door Marianne Rouw

Weinig licht

In gebouwen is het licht meestal slecht. Een statief is dan onmisbaar. Je kunt daarmee lange sluitertijden gebruiken om ook bij weinig licht nog prachtige foto’s te maken. Haal je camera van de automaatstand en zet deze op handmatig of op diafragmavoorkeuze. Bij het gebruik van diafragmavoorkeuze bepaalt de camera zelf de bijbehorende sluitertijd en kun je zelf het juiste diafragma voor de gewenste scherptediepte instellen.

Omdat je vaak mooie gangen en ruimten zult tegenkomen is een wat grotere scherptediepte en dus een kleiner diafragma (groter diafragmagetal) vaak gewenst. Wordt het echt te donker dan kun je de zaklamp gebruiken om het beeld bij te lichten. Gebruik de bulb stand van je camera om de sluitertijd lang open te kunnen houden en belicht met je zaklamp de ruimte.

Deze methode biedt je tevens goed de mogelijkheid om bepaalde onderdelen er echt uit te laten springen door ze zaklamp langer op dat punt te houden. Bekijk achteraf het resultaat op je display om te zien of het gewenste effect bereikt is; wellicht moet je langzamer met je zaklamp door de ruimte bewegen voor een juiste belichting.

Om de beste beeldkwaliteit te behalen kun je het beste je camera op de laagste lichtgevoeligheid zetten. Meestal is dit 100 ISO. Wanneer je vanaf statief werkt levert dit verder geen problemen op in donkere ruimten. Je voorkomt echter beeldruis in je foto die vervelend kan zijn om weg te werken.

Lichtinval door ramen of een openstaande deur kan prachtige beelden opleveren. Je kunt het effect van de binnenvallende lichtstralen goed in beeld brengen door even wat stof op te doen waaien in de ruimte. Hierdoor kun je de lichtstralen goed zichtbaar maken. De automatische lichtmeting van je camera kan het moeilijk hebben met dergelijke situaties. Door de belichting van de camera te minnen kun je voorkomen dat de lichtstralen voor een uitgebeten effect zorgen.

HDR

Is het verschil tussen de lichte en donkere gedeelten te groot dan kun je meerdere foto’s maken met een verschillende belichting en deze later op je computer samenvoegen tot één foto. Met Photoshop of een specialistisch programma als Photomatix kun je hiervan een zogenaamde High Dynamic Range foto maken.

Op locatie zet je hiervoor de camera op handmatig en stel je het diafragma in op de gewenste waarde. Ook de lichtgevoeligheid zet je vast. Meet wat de juiste belichting is van de opname volgens de lichtmeter van de camera. Vervolgens maak je drie foto’s; één op de juiste belichting, één bij twee stops onderbelicht en één bij twee stops overbelicht.

Wil je nog meer contrast kunnen overbruggen dan kun je ook twee of drie foto’s onderbelicht nemen en evenveel overbelicht. Zorg ervoor dat er elke keer twee stops verschil tussen zit. De enige waarde die je aanpast per foto is dus de sluitertijd. Die wordt twee keer zo lang of twee keer zo kort. De fotoserie die je zo vast legt kun je later thuis als basis voor je HDR foto gebruiken.

Beelitz-Heilstatten
Beelitz-Heilstätten door Marianne Rouw
Het naar binnen sluipen bij een locatie kan spannend zijn en moet vaak snel gebeuren. Als je eenmaal binnen bent, neem dan je tijd. Haast is op veel locaties niet veilig. Daarnaast mis je soms interessante opname mogelijkheden. Kijk goed rond en neem een ruimte rustig in je op. Vergeet ook niet om eens anders te kijken dan je gewend bent door op je knieën te gaan of juist omhoog te kijken.

Zoek naar lijnen, details en bijzondere lichtinval. Wat het vaak erg goed doet in Urban foto’s is het in beeld brengen van de verlatenheid van een locatie. Het kan ontzettend helpen als er op een locatie nog persoonlijk spullen aanwezig zijn. Oude mappen en documenten of een versleten pop of kledingstuk. Plaats een dergelijk onderwerp voorin je beeld zodat het de nodige aandacht krijgt ten opzichte van de vervallen ruimte in de achtergrond.

Modellen

Een model in een urbex foto kan een mooi contrast vormen met de vervallen omgeving. Zoek vooraf zelf naar geschikte locaties en kijk of je toestemming kunt krijgen om er te fotograferen. Mocht dat niet mogelijk zijn, zorg er dan voor dat je model ook weet dat hij of zij kans heeft op een bekeuring bij het betreden van een terrein. Het is extra belangrijk dat een locatie veilig is wanneer je er een model naar toe neemt. Je bent dan als fotograaf ook verantwoordelijk voor zijn of haar veiligheid.

Abandoned room service
Abandoned room service door Marc Duiker
Wanneer je met een model in je foto’s werkt is het lastiger om met langere sluitertijden te werken wanneer je in een donker pand bent. Grote kans dat je model dan beweegt en onscherp op de foto komt. Een goede oplossing is de strobist manier van fotograferen; met één of meer opzetflitsers die je los van je camera gebruikt.

Je kunt hiermee je model uitlichten, maar het kan ook erg mooi zijn om je model in een deuropening te plaatsen en het model te fotograferen in natuurlijk licht. De donkere ruimte achter hem of haar kun je dan uitlichten met behulp van flitslicht. Meet voor de belichting het aanwezige licht dat op het model valt door je camera op diafragmavoorkeuze te zetten. Stel vervolgens dezelfde sluitertijd en diafragma in op de handmatige stand en plaats dan een flitser in de achtergrond.

Met een paar testfoto’s zorg je ervoor dat het flitslicht gebalanceerd wordt met het aanwezige licht door op je scherm te kijken of het resultaat aan je verwachtingen voldoet. De flitser ontsteek je met een flitssynchronisatie kabel of een draadloze ontsteker.

De kans is groot dat je bij het werken met een model wel naar een hogere lichtgevoeligheid moet gaan, maar dat hoeft niet erg te zijn. De meeste camera’s kunnen tegenwoordig probleemloos naar 800 ISO of hoger zonder extreem kwaliteitsverlies.

Model Erika op een Urbex locatie
Erika, ISO 200, f/2.8, 1/40 seconde

Nabewerking

De nabewerking van je foto’s kan erg helpen om het bijzondere karakter van de locaties extra te benadrukken. Populair zijn foto’s met verminderde verzadiging, zwart-wit, HDR en cross-processing. Ook het toevoegen van vignettering (donkere randen) kan helpen je foto extra bijzonder te maken. In Lightroom of Photoshop kun je veel van dit soort effecten eenvoudig toevoegen. Alleen al het gebruik van wat sterk contrast kan de foto het nodige extra geven.

Zoals je hier ziet kan Urban Exploration je prachtige foto’s opleveren en zolang je niks kapot maakt of beschadigt kan deze vorm van fotografie ook weinig kwaad. Houd wel in je achterhoofd dat het fotograferen op veel locaties verboden is en -belangrijker eigenlijk- gevaarlijk. Bereid je goed voor en wees voorzichtig. Urban fotografie kan dan een mooie bezigheid zijn.

Dit artikel is eerder verschenen in Zoom.nl Magazine

Elja Trum Over de auteur; Elja Trum

Flitsfotografie: Werken met flitsers

 

Vaak wordt er gedacht dat het gebruik van een flitser een noodzakelijk kwaad is. Veel fotografen denken dat ze de sfeer weg zullen flitsen. Wanneer je echter goed gebruik maakt van een flitser kan de sfeer behouden blijven en kun je tevens het eindresultaat verbeteren. In dit artikel bespreken we de basis van het gebruik van flitsers om tot een beter eindresultaat te komen.

Een flitser kan in veel gevallen een nuttige toevoeging zijn om een geslaagde foto te maken. Doordat je een eigen lichtbron gebruikt ben je minder afhankelijk van het aanwezige licht. ’s Avonds kun je een flitser gebruiken waar je anders bij gebrek aan licht een bewogen of zelfs helemaal geen foto had kunnen maken. Op een zonnige dag is een flitser erg bruikbaar om harde schaduwen van direct zonlicht op te heffen en binnenshuis kun je met een flitser bijvoorbeeld voorkomen dat het licht van een raam een groot uitgebleekt vlak wordt en de woonkamer te donker blijft. Hierbij kun je met je flitser binnen voor evenveel licht te zorgen als het licht dat van buiten komt.

Op bijna elke camera zit een ingebouwde flitser. Het nut van deze flitser is helaas beperkt. De ingebouwde flitser zit vaak vlak boven het objectief en flitst recht naar voren. Dit levert doorgaans een platte en felle belichting op met harde schaduwen. Ook heb je met een ingebouwde flitser veel kans op rode ogen en zijn ze daarnaast niet al te krachtig. Wanneer een onderwerp dan wat verder weg is heeft het flitslicht niet genoeg kracht om voor voldoende belichting te zorgen met als resultaat een te donkere foto met vaak een overbelichte voorgrond.

Opzetflitser
Veel meer mogelijkheden heb je al met een opzetflitser. Doordat de flitser hoger is dan de ingebouwde flitser heb je minder snel last van rode ogen op een foto. Daarnaast kun je bij de meeste modellen indirect flitsen dankzij een draaibare kop. Door het flitslicht op een muur of plafond te weerkaatsen wordt het licht veel zachter en komt het bovendien vanuit een andere hoek. Let er echter wel op dat een gekleurd oppervlak kan leiden tot een kleurzweem op je foto. Ook kost indirect flitsen meer energie omdat je een krachtiger flits nodig hebt en dus zullen je batterijen eerder op zijn.

Bij gebruik van een groot objectief kun je bij de ingebouwde flitser last hebben van de schaduw die je lens op de foto werpt. Een opzet flitser zit zoveel hoger dat dit probleem niet meer voor zal komen. De ingebouwde flitser van je camera is daarnaast ook lang niet zo krachtig als een opzetflitser. Ook gebruikt de opzetflitser zijn eigen batterijen en houdt de accu van je camera het dus langer uit. Nog een extra voordeeltje is de hulpverlichting voor de autofocus die je op veel opzetflitsers aantreft. Dit lampje op de flitser licht je onderwerp (vaak met niet storend rood licht) bij zodat je camera er gemakkelijk op scherp kan stellen. Bij sommige modellen kan deze hulplamp zelfs gebruikt worden wanneer de flitser zelf uitgeschakeld staat waardoor je er ook nog wat aan hebt wanneer je even niet wilt flitsen maar het toch te donker is om goed automatisch scherp te stellen.

Opzetflitsers

Flitssynchronisatietijd
Onafhankelijk van het type flitser dat je gebruikt is het altijd belangrijk te letten op de flitssynchronisatietijd van je camera. Deze vind je in de handleiding en is bij veel camera’s 1/200 of 1/250 seconde. Deze synchronisatietijd geeft de kortste sluitertijd aan die je kunt gebruiken. Kies je een kortere sluitertijd dan zal slechts een gedeelte van het beeld goed belicht zijn. Een langere sluitertijd gebruiken is geen probleem.

Wil je toch een foto maken met een hogere sluitertijd zet dan je flitser op de zogenaamde ‘High Sync’ mode. Deze optie is bij de meeste opzetflitsers aanwezig. In deze stand flitst de flitser een aantal malen vlak achter elkaar om er zo voor te zorgen dat het beeld toch in zijn geheel goed belicht wordt. In deze stand is de kracht van de flitser echter minder en wordt er ook meer stroom verbruikt zodat je batterijen sneller leeg zullen zijn.

De sluiter van je camera bestaat in feite uit twee lamellen (ook wel gordijnen genoemd) die vlak achter elkaar verticaal over de sensor glijden. De ruimte tussen de twee lamellen zorgen voor de belichting van je sensor. Bij snelle sluitertijden is deze ruimte steeds kleiner. De flitssynchronisatietijd is de sluitertijd waarbij deze ruimte even groot is als de sensor zelf. De duur van een flits is namelijk zo kort dat anders alleen de spleet tussen de lamellen belicht zou worden door de flits. Afhankelijk van het type camera ligt de synchronisatietijd vaak tussen 1/60 en 1/500 seconden.

Flitsinstellingen
De instelling van het diafragma bepaalt de correcte belichting bij het gebruik van een flitser. Door het diafragma aan te passen laat je meer of minder licht toe. Dit is echter pas van belang wanneer je handmatig met je flitser aan de slag gaat.

Met de sluitertijd instelling van je camera bepaal je hoeveel er van de achtergrond zichtbaar is. Hoe langer de sluitertijd hoe meer er van de omgeving te zien is. Door een kortere sluitertijd te gebruiken kun je de achtergrond van je foto donker maken. Hiermee kun je het hoofdonderwerp, dat door de flits belicht wordt, extra aandacht geven in de foto.

Veel opzetflitsers kunnen gebruik maken van door de lens meting (TTL). Dit zijn altijd merkgebonden flitsers. Niet de flitser maar de camera meet het licht en geeft aan wanneer de flits beëindigd moet worden. Bij digitale camera’s wordt er vooraf een flits gegeven zodat de camera de juiste flitsbehoefte kan meten. Deze flits wordt zo kort voor de daadwerkelijke flits gegeven dat je hem met het blote oog niet kunt waarnemen. Je ziet de twee flitsen als één flits.

Het voordeel van een TTL flitser is dat je zelf minder aandacht hoeft te hebben voor de correcte instellingen; de camera neemt het werk uit handen en zorgt voor een goede opname. Wanneer je echter wat meer creatieve mogelijkheden wilt hebben is het handig als je flitser ook handmatig in te stellen is. Iets om op te letten bij de aanschaf van een opzetflitser.

Sommige opzetflitsers hebben een zoom optie. Afhankelijk van het gebruikte objectief zoomt de flitser mee om de hoek van het licht te optimaliseren. In de groothoekstand wordt het licht zo wijd mogelijk verspreid, zoom je in dan wordt ook het licht over een kleinere hoek afgegeven. Het licht kan zo met hetzelfde vermogen verder reiken.

Om het flitslicht minder hard en direct te maken kun je een diffuser gebruiken. Hiervoor zijn specifieke accessoires op de markt zoals de Omnibounce opzetstukken. Goedkoper en eenvoudiger is het gebruik van een witte zakdoek om het licht meer te verspreiden. Je kunt deze simpelweg met een elastiekje om je flitskop bevestigen. Uiteraard wordt ook de kracht van je flitser minder door het gebruik van een diffuser.

Flitsfoto van Freek
Flitsfoto in een slecht verlichte ruimte.
Een hoge ISO waarde zorgt ervoor dat de achtergrond ook mooi verlicht blijft.

Flitsbereik
Flitsers zijn gemaakt om te gebruiken met lenzen die binnen het standaard bereik vallen, zo ongeveer van 24 tot 200mm. Wanneer je daar buiten gaat moet je hier rekening mee houden. Bij een groothoeklens kun je vignettering voorkomen door een diffuser te gebruiken, voor een extreme telelens bestaan er reflectoren die het licht van je flitser verder bundelen. In beide gevallen zul je baat hebben bij een krachtige flitser.
Richtgetal

Wanneer je een flitser gaat aanschaffen wordt de maximale kracht van de flits aangegeven met het richtgetal. Hoe hoger het richtgetal, hoe groter de lichtopbrengst. Het richtgetal is gelijk aan het product van de afstand tot het onderwerp en het benodigde diafragma. Bij een richtgetal van 42 heb je op een afstand van 3 meter dus diafragma f/14 nodig voor een goed belichte opname (3 x 14 = 42). Het richtgetal is altijd gebaseerd op een camera instelling op 100 ISO. Omdat een flitser ook minder krachtig kan flitsen dan de maximale stand is het aan te raden een flitser aan te schaffen met een zo hoog mogelijk richtgetal. Overigens is het richtgetal ook echt zoals het woord zegt een richtgetal. Afhankelijk van het objectief en de omgeving varieert de benodigde flitskracht. Witte muren zorgen bijvoorbeeld voor meer reflectie dan donkere muren en dus is er een minder krachtige flits nodig.

Ook de ISO waarde is dus van invloed op het richtgetal, schakel je over naar 200 ISO dan heb je de helft van de flitskracht nodig om eenzelfde object goed te verlichten. Door je camera bij flitsfoto’s op 400 ISO te zetten bespaar je dus ook flink op je batterijen. Daarnaast registreert je sensor bij deze hogere lichtgevoeligheid meer van het omgevingslicht bij kortere sluitertijd. Hierdoor heb je minder last van donkere achtergronden in je foto’s.

Eerste of tweede gordijn
Op de camera zijn meer mogelijkheden om het gedrag van je opzetflitser te beïnvloeden. Zo kun je instellen of je de flits op het eerste of op het tweede gordijn wilt. Standaard staat deze meestal op het eerste gordijn zodat het onderwerp belicht wordt op het moment dat je afdrukt. Bij beweging kan dit echter een raar effect opleveren. Wanneer je bijvoorbeeld een rijdende auto in het donker fotografeert bij een wat langere sluitertijd (bijvoorbeeld 1/60 seconde) zullen de achterlichten op de foto tegen de beweging in als een vage streep zichtbaar zijn. De flitser gaat namelijk direct bij het afdrukken af, maar de sensor wordt nog langer belicht. Dit rare effect kun je tegengaan door je flitser op het tweede gordijn te laten flitsen. De flits wordt dan pas aan het eind van de opname afgegeven waardoor eerst de vage streep getrokken wordt en je vervolgens de auto bevriest vlak voordat de sluiter weer dicht gaat.

Flitsfoto Sara
Een bijzonder effect kun je bereiken door een langere sluitertijd te combineren met een flits

Ook de flitsbelichtingscompensatie is op de meeste camera’s in te stellen. Hierbij geef je aan dat de camera iets meer of juist iets minder licht moet afgegeven dan de gemeten waarde. Wanneer je bijvoorbeeld constant een overbelichte foto krijgt kun je de flitsbelichtingscompenstatie één stop laten minnen. De flitser geeft dan de helft minder licht af ten opzichte van de gemeten waarde.
Schilderen met licht

Een leuke manier om met een flitser te werken in een donkere ruimte of ’s avonds buiten is het zogenaamde schilderen met licht. Zet je camera op een statief en stel een lange sluitertijd in, bijvoorbeeld 30 seconden. Kies een bijpassend diafragma voor een correcte belichting of laat de camera dit doen door de sluitertijdvoorkeuze (S/Tv) te gebruiken. De opzetflitser haal je van de camera en neem je in de hand mee. Terwijl de foto gemaakt wordt richt je de flitser op onderdelen in de ruimte die je extra wilt belichten. Op je flitser zit een knopje om deze handmatig af te laten gaan waar je nu gebruik van kunt maken. Door één of meerdere malen in je scene te flitsen kun je op de door jou gewenste plekken extra licht toevoegen in de scene. Let er wel op dat je zelf niet in de foto verschijnt wanneer je flitst door buiten beeld of achter een voorwerp te gaan staan. Deze techniek is natuurlijk ook mogelijk bij gebruik van een zaklamp in plaats van een flitser. Een kabelontspanner is een handige accessoire om met de bulb instelling van je camera nog langere belichtingen mogelijk te maken zonder dat je de camera beweegt.

Studioflitsers
Wanneer mobiliteit minder belangrijk is kun je gebruik maken van studioflitsers en een studiolocatie om volledige controle over je licht te hebben. Een groot voordeel van studioflitsers is dat ze niet werken op batterijen maar gebruik maken van netspanning. Hierdoor zijn ze veel krachtiger dan losse opzetflitsers. Overigens zijn er wel accu’s verkrijgbaar voor studioflitsers zodat je ze toch op locatie kunt gebruiken. Je moet dan echter wel flink wat apparatuur vervoeren.

Bij het gebruik van de ingebouwde flitser of een merkgerichte opzet flitser als flitsontsteking voor een studioflitsset kan de eerder genoemde voorflits voor problemen zorgen. De studioflitsers registreren de voorflits en flitsen mee, wanneer vlak daarna de daadwerkelijk flits volgt op het moment dat de sluiter open staat zijn de studioflitsers nog niet opgeladen. Het resultaat is dan een donker, soms zelfs zwart beeld. Om dit te voorkomen moet je de opzetflitser op handmatig zetten of een aparte flitsontsteker aanschaffen.

Sekonic L-358 lichtmeter
De Sekonic L-358 lichtmeter

Het werken met studio apparatuur vereist wel de nodige oefening en het is verstandig om hiervoor een goede flitslichtmeter aan te schaffen. De Sekonic L-358 is op dit gebied een aanrader en is verkrijgbaar vanaf zo’n 350 euro. Met de lichtmeter kun je precies bepalen hoeveel licht er op je model valt en welk diafragma je dan in moet stellen. Het aanschaffen van een studioflitsset inclusief de benodigde accessoires zoals een lichtmeter, flitsontsteker en wellicht een softbox kost al snel zo’n 1000 tot 1500 euro. Betaalbare studioflitsers zijn er bijvoorbeeld van Falcon Eyes , Jinbei en de Elinchrome D-lites. Een model van zo’n 400 watt is geschikt voor de meeste situaties. Ook hier geldt dat je krijgt waarvoor je betaalt, wil je wat robuuster materiaal en een constante lichtopbrengst geef dan wat meer geld uit.

Conclusie
Het gebruik van flitsers kan een geweldige toevoeging zijn om mooie foto’s te maken. Je moet daarvoor echter wel in de gaten houden waar je mee bezig bent en niet simpelweg vertrouwen op de automatische meting en de ingebouwde flitser van je camera.

Elja Trum
Dit artikel is eerder verschenen in fotomagazine Zoom.nl.
Tot de volgende

Een gids voor beginnend straatfotograaf

Een gids voor de beginnende straatfotograaf (onderwerp: straatfotografie)

Een straatfotograaf werkt op straat en om deze reden moet de fotograaf over veel vaardigheden beschikken. Allereerst moet de fotocamera van a tot z bekend zijn. Ook moeten de technieken worden beheerst om een goede foto te kunnen maken. Maar hoe is het om als straatfotograaf te fotograferen? Hoe is het mogelijk om foto’s te maken tijdens snel veranderende en moeilijke omstandigheden? Oké, het is moeilijk en populair gezegd is het ‘uitdagend’. Maar desalniettemin worden veel fotografen aangetrokken door de straat en haar omgeving: de straat als een niet controleerbare werkomgeving voor fotografen. Dit artikel bespreekt enkele tips voor startende straatfotografen. Sommige foto’s voor dit onderwerp zijn gemaakt in Milaan: (C) H. de Pagter | blue eye fotografie
Het zijn de spreekwoordelijke open deuren, maar straatfotografen houden van fotograferen op straat en de omgeving daarvan. Deze fotograaf houdt van kijken en observeren wat er zoal op straat gebeurt. Op zoek naar mooie (split-second) momenten, interessante mensen en situaties. Ik houd er zelf van om naar steden, waar ook ter wereld, te reizen. New York, Parijs en Londen zijn prachtige steden voor straatfotografie. Maar ook plaatsen ‘om de hoek’ zoals Rotterdam, Amsterdam en Bergen op Zoom lenen zich uitstekend voor straatfotografie. Dus de ideale stad om te fotograferen hoeft niet ver weg te zijn.

 

Hard werkende vriendelijke dames

 Straatartiest heeft pauze (H.De Pagter)

Een belangrijke tip om mee te beginnen is een eenvoudige, namelijk: bedenk vooraf wat u wilt fotograferen. Zijn het oude personen, interessante vrouwen of mannen, spelende kinderen, rokende of telefonerende mensen op straat, bijzondere of opvallende kleding, mannen met een baard, hoed of pet of winkelende dames overladen met boodschappen tassen van dure merken?
U ziet al dat er veel keuze is. Vooraf kiezen helpt u gericht te blijven observeren en fotograferen op straat, anders wordt u horendol (of stapel mesjogge van de drukte). Besef, dat het fotograferen op straat concentratie, alertheid en paraatheid vereist. U heeft het druk en door te focussen op een fotografeerdoel blijft het overzichtelijk.

Een zoektocht op het internet toont aan, dat enkele straatfotografen een dringend advies geven voor wat betreft het gebruik van apparatuur in het algemeen en het objectief in het bijzonder. Eén ding staat vast: neem nooit teveel aan apparatuur mee. Veel apparatuur betekent meer gewicht. Een straatfotograaf legt per dag vele kilometers te voet af en veel gewicht mee torsen is dan geen sinecure. In ieder geval neemt u de volgende spullen mee: een fotocamera met objectief, mogelijk een extra objectief met ander brandpunt, een flits (met kabel) en wat extra zaken als een reserve batterij en een lichtmeter. Het laatste is niet per se noodzakelijk, maar wel handig. Een lichtmeter geeft u, wanneer u maar wilt, informatie over de lichtomstandigheden waar u zich op dat moment in bevindt. Belangrijk is om te werken met snelle focus. Dit betekent dat niet alleen uw objectief snel moet kunnen scherpstellen maar ook de camera zelf.

Als u zich geen zorgen wilt maken over het licht, dan is het advies om een lichtsterk objectief te gebruiken. Een dergelijk objectief voldoet uitstekend tot en met invallende duisternis, tenminste als het een f/1.4 objectief betreft. Met invallende duisternis wordt het fotograferen met een f/1.8 of een f/2.8 een probleem dat met het verhogen van de ISO waarde opgelost kan worden. Om snel te kunnen fotograferen, is het gebruik van een lichtmeter aan te bevelen om te allen tijde de instelling van de camera accuraat te hebben.
Om de kans op het mislukken van een foto te minimaliseren is mijn persoonlijke voorkeur het gebruik van de diafragma voorkeuze stand. Met de diafragma voorkeuze kunnen niet alleen alle lichtomstandigheden ‘gemanaged’ worden, maar ook de scherptediepte. Zo heeft u eenvoudig volledige controle over de te maken foto in – nagenoeg – alle omstandigheden. Het enige wat u extra kan helpen, is het bijstellen van de ISO waarde.
Maakt u zich zorgen over de zon (bijvoorbeeld teveel tegenlicht)? Schroom niet om de flitser te gebruiken. Bevestig de flitser met een kabel (los) aan uw camera en maak alle foto’s met flits. Niets op tegen en het geeft een apart effect. Een richtlijn voor het instellen van de camera voor straatfotografie met gebruik van een flitser:
ISO 100 – 200, diafragma 5.6 en een sluitertijd tussen de 1/60e – 1/200e seconde (afhankelijk van het gewenste effect). Natuurlijk is het noodzakelijk om het richtgetal van uw flitser te weten om te bepalen op welke afstanden u kunt fotograferen met flits.

Overal is actie (H. De Pagter)

En zijn er mooie mensen om te fotogaferen

Inmiddels is het duidelijk geworden dat snel scherpstellen cruciaal is om op het juiste moment de juiste foto te maken. Indien uw camera of objectief onvoldoende snel scherp kan stellen, dan is het een overweging om de continu scherpstel modus te gebruiken. Bent u niet overtuigd over de scherpstel snelheid, gebruik dan een groothoek objectief. Het scherptebereik van een groothoek objectief ligt dichterbij en reikt dan tot het oneindige. Perfect voor straatfotografie als geen scherptediepte gewenst is.

Nu enkele belangrijke onderwerpen aangaande de apparatuur zijn behandeld, is het tijd om over de onderwerpen na te denken: de mensen. Een veel gehoorde vraag van beginnende straatfotografen is die naar de reactie van de mensen die worden gefotografeerd. Specifiek is de vraag of de gefotografeerden snel boos worden? Normaliter vinden mensen het wel goed als ze gefotografeerd worden en worden zeker niet boos. Als iemand merkt dat hij/zij is gefotografeerd, knik dan vriendelijk als dank of bedank hem of haar echt. Vriendelijkheid is het toverwoord. Geef de mensen een vriendelijke lach of een knikje, dat doet wonderen. Daarbij vinden mensen het ook wel leuk of interessant dat ze worden gefotografeerd. Er zijn gefotografeerden die een praatje aanknopen en vragen naar het hoe en waarom van de foto’s. Dit kan leiden tot leuke gesprekken die ook nog eens afgesloten kunnen worden met een foto van de gesprekspartner.

Vriendelijke mensen

Locale interactie

 

Een gulden regel is dat het geen waarde heeft om te vertellen dat de foto’s voor commerciële doeleinden gebruikt gaan worden. Voor eigen gebruik, portfolio of weergave op een eigen fotowebsite zullen weinigen bezwaar maken. Zelf neem ik altijd een stapeltje visitekaartjes mee. Deze geef ik af als blijkt dat mensen graag meer foto’s willen zien of als ze hun eigen foto willen opzoeken. Een extra ‘service’ is om tijdelijk een webpagina te maken met foto’s van die desbetreffende stad. Mensen kunnen dan met eigen ogen hun mooie foto zien (als ze dat zouden willen). Tegenwoordig is het eenvoudig om een leuk kaartje te laten maken, of dat zelf te doen, waar uw naam en website op staat. Kleine moeite tegen lage kosten en een groot plezier voor anderen.

 

Een minderheid van de mensen vindt het niet leuk om te worden gefotografeerd. Maak in ieder geval snel de foto en loop daarna gewoon door. Mensen zijn vaak eerst enigszins ‘overdonderd’ en beseffen pas later dat er een foto is genomen. Door direct na de foto-opname door te lopen zullen weinigen gaan aangeven dat ze het niet leuk vonden om gefotografeerd te worden.
Ook hier is snelheid van handelen belangrijk. Niet om de juiste foto te maken, maar om überhaupt iemand te kunnen fotograferen. Als u te langzaam of te opvallend fotografeert, kan iemand wegduiken of het hoofd afkeren. Weg fotomoment.
Een tip: kijk niet opvallend naar iemand die u wilt fotograferen. Blijf alert maar achteloos rond kijken tot het moment dat de foto geschoten kan worden en klik! En wat als u wordt aangesproken door iemand die het niet leuk vond dat hij/zij werd gefotografeerd? Heb dan een opmerking paraat om direct te reageren. Ik meen dat het straatfotografe Vivian Maier was die een kordate reactie gaf aan zulke mensen. In het Engels komt de korte dialoog het beste tot zijn recht, dus:
subject with angry tone: “Why did you photograph me?”
Maier: “I didn’t.” (en liep gewoon door).

foto H. De Pagter

Daklozen leven op straat, dat is hun thuis. Er zijn straatfotografen die geen foto’s maken voor daklozen. Dit is een principieel en/of ethisch dilemma. Daklozen hebben er niet voor gekozen om op straat te (moeten) leven en verdienen daarom alleen al respect voor hun situatie met erkenning van hun privacy (= geen foto’s).
Bedenk dat het een mening is (en voor de duidelijkheid niet mijn mening).
Als u zich hierin kunt vinden, dan maakt u geen foto’s van daklozen. De man op de foto links vond het onplezierig te worden gefotografeerd en vertikte het om in de camera te kijken. Zijn keuze geconfronteerd met mijn keuze.

Een veel gelezen advies is om u op straat niet als fotograaf te kleden en te gedragen. Graag sluit ik mij hierbij aan. U bent onderdeel van het straatleven op dat moment, dus kleedt u ook als zodanig. Draag gewone kleding die past bij de omstandigheden, dus laat uw fotovest en fotohoed lekker thuis. Neem een kleine fototas mee en houd het daarbij. Gedraag u niet als fotograaf, maar verstop u zelf ook niet! Verstop ook niet uw camera, want dat geeft de indruk alsof u iets stiekems wilt doen en dat is niet het geval. Houd uw camera paraat om te fotograferen en dat hoeft niet opzichtig te gebeuren.

Bezoek niet alleen de bekende toeristenplekken, maar ook de straatjes achteraf waar de locale mensen vertoeven. Hier praten en lachen de mensen met elkaar, ze interacteren. Voor u de mooiste plekken om de mooiste foto’s te maken. Natuurlijk zijn toeristen leuk om te fotograferen, zeker als ze grote overvolle merktassen dragen, maar voor een echte ‘couleur locale’ moet u van het toeristische pad afwijken.

Gaat straatfotografie alleen over het maken van foto’s van mensen? Nee, zeker niet. Het heeft ook alles te maken met het fotograferen van de straat, de gebouwen en alles wat zich erboven of eronder bevindt. Mooie gebouwen en het verkeer zijn ook prettige foto-onderwerpen, evenals alles wat op straat gebeurt. Maar als personen onderdeel uitmaken van uw straatfotografie geeft dat een extra dimensie, zoals verhoudingen, een beweging, een expressie of iets dat de kijker nieuwsgierig maakt. Mensen op een foto maken de foto menselijker en persoonlijker.

En dan is er een regel voor straatfotografen die aangeeft mensen niet van achteren te fotograferen. Er wordt zelfs beweerd dat een persoon gefotografeerd van achteren, een gemiste foto is. In zijn algemeenheid klopt het wel dat veel ‘van achteren’ genomen foto’s niet interessant zijn, maar blijf alert op positieve uitzonderingen. Ogen open houden en op zoek blijven naar mooie fotomomenten, ook al zijn deze ‘gefotografeerd van achteren’. Overtreed de regels waar nodig en wees creatief.

 Mensen van achteeren fotograferen is ook straatfotografie (H. De Pagter)

Veel straatfotografen publiceren hun foto’s in zwart-wit. Dit betekent niet automatisch dat straatfotografie in kleur obsoleet is. Het is een persoonlijke keuze. Er is een ontwikkeling te bespeuren dat jongere straatfotografen meer in kleur werken met hele goede foto’s als resultaat. Ligt uw voorkeur bij kleurenfotografie, dan kunt u dat doortrekken naar straatfotografie. Het is aan te bevelen om de door u zelf ontwikkelde stijl ook te laten gelden voor uw straatfotografie.
Mijn persoonlijke voorkeur ligt bij zwart-wit fotografie en dus ook bij straatfotografie in zwart-wit. Een kwestie van het maken van een keuze en deze keuze volgen. Ik denk dan ook in zwart-wit en dat maakt het fotograferen gemakkelijker, omdat je goede foto’s eerder herkent of onderkent. Door in zwart-wit te fotograferen wordt de aandacht gevestigd op het onderwerp van de foto. Kleur geeft een extra dimensie aan een foto, maar kan ook afleiden, hetgeen niet het geval is bij een zwart-wit foto. Nogmaals, het is een persoonlijke voorkeur. Het is aan u om uw voorkeur te kennen, te weten wat uw stijl is en wat uw sterke foto-eigenschappen in zijn algemeenheid, en voor straatfotografie in het bijzonder, zijn.

Een zanger en een student van de kunstacademie. Beide foto’s in zwart-wit om de expressie te benadrukken, zonder afleidende kleuren. Voole aandacht voor het onderwerp

Het afsluitende advies is om gebruik te maken van de zegeningen van het internet: een schat aan informatie onder handbereik. Zoek eens naar straatfotografen en verdiep u eens in de foto’s die zij gemaakt hebben. Zo zult u zien dat iedere straatfotograaf een eigen stijl heeft ontwikkeld en zelfs hoe foto’s tot stand zijn gebracht. Een aanrader is om de website van WNYC te bezoeken en te genieten van de schat aan informatie die aangeboden wordt op het gebied van straatfotografie (http://www.wnyc.org/streetshots/). Ook zeker de moeite waard is het om de video te bekijken van Magnum fotograaf Bruce Gilden en zijn brutale werkwijze. Deze video treft u aan onder dit artikel.
Dank u wel voor het lezen van dit artikel en natuurlijk veel succes met uw straatfotografie. Wees niet verlegen en denk aan de mooie foto’s die u gaat maken. Het is zeker de moeite waard.

Bron: H De Pagter

Tot de volgende,

Tips voor het fotograferen van motorsporten

Het fotograferen van motorsporten is een vak apart en daarom niet zo gemakkellijk als we wel denken. Indien u dit nog nooit heeft beoefend, hier toch enkele tips die u kunnen helpen om degelijke beelden te maken.
Autofocus:
AF op servo of continue: de AF moet het bewegende object in de focus bijven houden. Denk eraan dat je misschien best alleen het middelste focuspunt gebruikt. Druk de knop minsten een seconde voor de opnames al in om de ‘lock’ te verkrijgen.
Transportmodus:
Het transport moet ook aangepast worden: van 1 beeld naar meerdere beelden per druk op de ontspanknop. Maak voldoende beelden.

Belichtingsmodus:
Kies voor sluitertijdvoorkeuze en kies een sluitertijd die kort genoeg is om de actie stil te zetten. Anders dan bij autosport kan je hier wel bij motorcross de motoren volledig bevriezen. Pas indien nodig dan ook de ISO-waarde aan.

 

Voor het “pannen” (meetrekken) kan je best voor motocross een sluitertijd instellen tussen de 1/40 – 1/80 zeker niet sneller want dan krijg je geen meegetrokken achtergrond (onscherpe) en bevries je het beeld bijna.
Let eventueel ook op het gebruikte diafragma. Een wazige achtergrond kan soms erg goede resultaten geven met een bevroren actie. Het één (grote lensopening) komt met het andere (korte belichtingstijd) uiteraard.

Objectieven:
Gebruik een tele-objectief om piloten of wagens te isoleren van het parcour.
Gebruik een groothoek-objectief om meer drama te geven aan de actie.

Parcours:
Op de langere stukken waar de motoren/wagens meer snelheid hebben kan je best ‘meetrekken’ met de beweging. Pas eventueel wel je belichtingstijd opnieuw aan (iets trager) om de achtergrond als bewogen op de foto te krijgen.
Wanneer je de rijders in de bocht fotografeert, hebben ze een iets lagere snelheid maar zijn ze vaak beter te fotograferen.

Flits:
Op korte afstand kan je zeker ook de flits gebruiken. Je kan inflitsen om de schaduwen op te helderen. je kan ook echter werken met de HighSpeed Sync. om het omgevingslicht weg te drukken en speciale effecten te bekomen. Deze functie zet je ook op de flits, daarna werk je met sluitertijdvoorkeuze.
Lichtmeting:

Matrixmeting is prima. Je kan ook werken met spot- of centrummeting. Gebruik eventueel wel de belichtingscompensatie om sterke over- en onderbelichtingen te vermijden.

Hopende u wat verder te kunnen helpen met deze tips, nog veel succes in deze tak van de fotografie.

Tot de volgende,

Bedekt naakt

De naaktfotografie is een kunst op zich, deze vergt grote inspanningen van model en fotograaf.

Als fotograaf moet u kunnen spelen met allerhande belichtingen, zodoende dat de genomen beelden professioneel overkomen.Het is alleszins niet de bedoeling aanstootgevende kunst of fotografie te brengen.
De verstandhouding tussen fotograaf en model is daarom van groot belang. Nergens wordt zoveel intuïtie gevraagd als bij het omgaan van modellen.
De naaktfotografie bestaat uit diverse vormen, waarvan “Bedekt Naakt” er een is.

Dit is precies zoals we zeggen; een model dat naakt poseert maar gedeeltelijk bedekt wordt.
Een model bedekken kan gebeuren door middel van een kledingstuk: b.v. sjaal of blouse, maar ook door een ander voorwerp zoals, een boek, lint of plastiek folie enz..

Maar sommige fotografen laten het model delen van hun lichaam afdekken door hun handen, ook kan men het model zo plaatsen voor de camera dat de intieme delen niet zichtbaar zijn.

Hopelijk heeft u wat opgestoken met deze mooie beelden in de vorm van bedekt naakt.

Tot de volgende,